Het is weer die tijd van het jaar. De periode waarin de jeugdteams worden samengesteld voor het nieuwe seizoen. Voor sommigen een formaliteit, voor velen een spannende fase.
Want de vragen zijn groot en vaak ook een beetje spannend. Kom ik bij mijn vriendinnen? Ga ik een team omhoog? Wie wordt mijn trainer? En misschien nog wel belangrijker: waar hoor ik straks bij?
We horen het overal. Op het veld, in de hal, op het schoolplein, in de whatsappgroepen en in de kantine. Er wordt gespeculeerd, gerekend, geschoven en soms zelfs een beetje vooruitgelopen op wat er nog moet komen. Alsof de teams al vaststaan, terwijl de puzzel nog midden op tafel ligt. Want dat is het uiteindelijk: een puzzel. Geen eenvoudige, maar eentje met veel stukjes. De technische commissie en de werkgroep jeugd proberen die zo goed mogelijk te leggen. Niet voor één speelster, maar voor de hele groep. Wat is het beste voor de ontwikkeling van het individu? Wat is goed voor het team? En wat betekent het voor de club als geheel?
En alsof dat nog niet genoeg is, speelt ook het aantal spelers per leeftijd een rol. Soms zijn er net te veel, soms net te weinig. Dan moet er geschoven worden, gecombineerd en soms ook gekozen. En kiezen betekent ook: niet iedereen kan precies krijgen wat hij of zij het liefst zou willen.
In die periode gebeurt er nog iets anders. De spanning loopt op. En waar spanning is, komen ook woorden. “Dan ga ik wel naar een andere club.” of ““Dan stop ik wel.” Uitspraken die vaak sneller worden gedaan dan bedoeld misschien, maar wel blijven hangen. We begrijpen het wel. Het gaat tenslotte ergens om. Voor kinderen is handbal meer dan een spelletje. Het is vriendschap, plezier en jezelf ontwikkelen. En als ouder wil je dat het goed zit.
Maar misschien helpt het om even uit te zoomen. Want bij een vereniging doorloop je samen een proces. Je ontwikkelt je als speler, maar ook als mens. Je leert winnen en verliezen. Je leert omgaan met teleurstellingen. Je leert dat je soms even moet wachten op je moment. En dat geldt – hoe verrassend ook – soms ook een beetje voor de ouders.
Een vereniging is namelijk geen sportschool. Je bent geen abonnee die even binnenloopt, kijkt of het bevalt en bij tegenwind de pas weer uit het systeem haalt. Geen maand opzegtermijn, geen klantenservice, geen “dit pakket past toch niet helemaal bij mij”
Bij een vereniging ben je lid. En lid zijn betekent dat je ergens bij hoort. Dat je meedoet. Dat je soms ook even blijft staan als het tegenzit.
Juist op het moment dat het even níet loopt zoals je had gehoopt — bijvoorbeeld omdat je niet in het team zit dat je voor ogen had — begint het eigenlijk pas. Dan leer je wat doorzetten is. Dan maak je nieuwe vriendinnen. Dan ontdek je dat plezier niet alleen zit in waar je speelt, maar vooral mét wie en hoe.
Weglopen kan altijd nog. Blijven en er iets van maken — dat is de echte sport.Kortom: de emotie is begrijpelijk. Maar kijk ook naar het grotere plaatje. We zijn onderdeel van ZAP. Een vereniging waar mensen samenkomen, samen spelen en samen groeien. In voor- en tegenspoed.
En hoe de stukjes ook vallen… uiteindelijk spelen we allemaal in hetzelfde team.
Heeft u vragen? Stel ze aan een coördinator. Daar zijn ze voor.
ZAP Handbal
(Met dank aan de Luistervink van ZAP voetbal).
